Vrijheid
Precies 65 jaar geleden kwam de Tweede Wereldoorlog ten einde. Maar er zijn nog steeds wonden uit die zware periode die niet zijn genezen. Nog steeds zijn er verloren fragmenten, vermiste sporen, verborgen feiten, vernielde archieven en onontdekte graven. Er zijn nog steeds naamloze helden, ongenoemde namen, onontgraven stoffelijke resten, vonnisloze misdaden, straffen die niet zijn uitgezeten, geheugens die niet zijn teruggekeerd, herinneringen waar nog niet naar is geluisterd, verhalen die nog niet zijn verteld en pagina’s die nog niet zijn geschreven.

Al 65 jaar tracht men de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog compleet te maken door nog meer feiten te vinden. En ieder nieuw feit brengt nieuwe cijfers en veroorzaakt nieuwe discussies. Hoe meer er feiten boven water komen, hoe heftiger de discussies worden. Het boek van de geschiedenis van 1940-1945 is nog steeds niet gerestaureerd: er zijn nog steeds lege plekken, losgetrokken bladzijden en verborgen thema’s. Er is nog veel te doen.
De jaren verlopen en inmiddels zijn de oorlogsjaren ver weg. Er zijn steeds minder mensen die van de oorlog getuige zijn geweest of eraan hebben deelgenomen. Ze verlaten dit leven en veranderen langzaamaan in een mythe. Aan ons, levenden, de taak om niet te vergeten: het was oorlog, een oorlog opgedrongen aan de mensheid. Er waren krachten die de oorlog maakten, machten die de oorlog voerden en mensen die de oorlog meemaakten. Hier volgt het verhaal van zo iemand, die uit een ver land na vele omzwervingen in Nederland terechtkwam. Het verhaal van Mamed Mamedov.
In dienst in de Rode Leger
Azerbeidjaan, streek Zakatala, dorp Muganly. 7 januari 1941. Een groep mensen op het terrasje van een gewoon dorphuisje. Een afscheidsscène.
Vrouw Nanahanum drukt haar 18-jarige zoon Mamed nog een keer aan haar hart voor hij naar de oorlog vertrekt. De hele familie is buiten om afscheid te nemen van de kersverse soldaat. Zijn moeder Nanahanum, zijn vader Halil, zijn broertje Mamedali, zijn zusje Tukezban en zijn andere naasten doen hun best er enthousiast uit te zien en hun onverwachte tranen voor de jongen te verbergen. Wie opgeroepen wordt als dienstplichtige, moet bij vertrek geen tranen zien, maar een laatste blik van moed en hoop.
Hoe kon de jonge Mamed toen vermoeden dat precies een halfjaar later, op 22 juni 1941, het fascistische Duitsland onverwacht de aanval zou openen op zijn land? Dat zijn doodgewone diensttijd zou uitlopen op een odyssee? Dat die aanval het begin zou betekenen van de Grote Vaderlandse Oorlog, de slopende, heroïsche strijd om het voortbestaan van de Sovjet-Unie? Hoe kon hij vermoeden dit de laatste keer zou zijn dat hij zijn moeder zag in heel lange tijd, en dat er jaren, heel veel lange jaren zouden verlopen voor hij weer iets van haar zou horen? Wie had kunnen denken dat deze Azerbeidjaanse jongen uit het dorp Muganly door het noodlot naar een ver, onbekend land zou worden gedreven? Naar Nederland?
Net als miljoenen andere soldaten werd ook Mamed Mamedov gemobiliseerd voor dienst aan het front. Een paar jaar later, in 1941, tijdens een aanval op de Don in de Oekraïne, werd hij krijgsgevangen gemaakt. Zijn lange zwerftocht was begonnen. Korte tijd later werd Mamed Mamedov in zijn moederland als vermist opgegeven. Zijn familie huilde bittere tranen. Maar zijn moeder… zijn moeder houdt niet op in de verte te kijken, te proberen iets te horen uit de mond van de postbode. Zij blijft wachten, hopen.
Medo
Het enige wat Mamed Mamedov wil, is zijn dierbaren waarschuwen dat hij nog in leven is. Alle pogingen van hem en zijn kameraden – andere Russische krijgsgevangenen – leiden tot niets. In 1943 wordt hij met zijn lotgenoten naar Nederland getransporteerd en na een paar maanden in Aarle-Rixtel worden ze naar Oisterwijk in Noord-Brabant gebracht. Met enkele andere landgenoten moeten ze dwangarbeid verrichten in de bossen van Groot Speijck. In een korte biografie van Mamedov op de website van Uitgeverij A. van den Oord, die over de Brabantse geschiedenis tijdens de Tweede Wereldoorlog gaat, is te lezen: “In 1943 werd hij met nog een aantal Azerbeidzjaanse medestrijders naar Nederland getransporteerd om daar als dwangarbeider te werken. Ze werden gekleed in Nederlandse legeruniformen uit 1940, ondergoed ontbrak. In Oisterwijk werden 150 Russen gelegerd, die als werktroepen dienst hebben gedaan bij de wegenbouw en het opwerpen van wallen in het artilleriepark. Medo (Mamed Mamedov) was één van hen. Er moest vooral munitie gesjouwd worden en schietkuilen aangelegd om de Duitse verdediging na de invasie in Normandië voor te bereiden. De Russen verbleven in de zusterschool aan de Poirtersstraat.*”
Medo valt al vanaf de eerste dagen op tussen de andere krijsgevangenen. Hij wordt steeds populairder, niet alleen in het internaat waar ze verblijven, maar ook bij de inwoners van Oisterwijk. Hij krijgt vaak hulp van de bewoners – kleding, voedsel – en deelt dat met zijn makkers. Zo is Medo bevriend met de Nederlandse familie Seebregts. Hij wordt verliefd op hun dochter Riet Seebregts, die voor hem zijn licht in de duisternis wordt. Riet steunt hem overal en altijd. Mamedov wordt geliefd door zijn leiderschap en door allerlei initiatieven om te ontsnappen: hij krijgt een bijnaam –Medo – en maakt voortdurend plannen om te vluchten en zich bij het Nederlandse verzet aan te sluiten.
Ontsnapping
Uiteindelijk lukt het Medo met zijn twee makkers tijdens hun overplaatsing naar Amsterdam te ontsnappen. Ze worden ontvangen door de mensen van het verzet. Medo en de andere twee Azerbeidjaners beginnen samen met de Nederlanders hun strijd tegen de bezetter. Maar Medo droomt van zijn land Azerbeidjaan. Hoewel hij niet weet wat hem daar te wachten staat als hij terugkeert, wil hij toch graag zijn dierbaren weerzien. Geholpen door de partizanen reist hij met vijf anderen naar Brussel om van daar een weg terug te vinden naar Azerbeidjaan. Maar al spoedig worden ze opgepakt. Tijdens een mars lukt het hem opnieuw samen met twee andere kameraden te ontsnappen. Ze keren terug naar Oisterwijk en blijven daar tot de Bevrijding en voor altijd.
Het thema van Duitse krijgsgevangenschap in een Europees land was een van de vele verboden thema’s tijdens het bewind van Stalin. De soldaten die terugkeerden uit krijgergevangenschap wachtte in hun land geen warme omhelzing door hun familie, maar zware dwangarbeid in de mijnen van het ijskoude Siberië. Voor zijn overleven werd men streng bestraft, en zijn familieleden werden als melaatsen behandeld. Mamedov ontliep die verschrikkingen omdat hij door een speling van het lot transport naar de Sovjet-Unie ontliep.
Mamed Mamedov – Nederlander
In Oisterwijk huwt Medo met zijn geliefde Riet Seebregt. Een nieuw leven breekt aan. Hij werkt in de schoenenfabriek en wordt erg geliefd en populair door verschillende uitvindingen die hij doet. Hij naturaliseert tot Nederlander en krijgt diverse onderscheidingen, waaronder de titel Ridder van Oranje Nassau, Erelid van de Koninklijke Familie en Erebewoner van Oisterwijk. In zijn woonplaats is hij bekend als oprichter van de politiehondenschool ‘Altijd Paraat’ en als trainer van de jeugdvoetbalclub, en daar worden ook zijn enig kind, zijn geliefde dochter Nanahanum (Nansy) en later ook zijn kleinkind Selina geboren. Hij blijft er wonen tot hij op 9 januari 2003 de laatste adem uitblaast. Vandaag de dag is er geen bewoner in Oisterwijk die Medo niet kent of die niet van hem heeft gehoord.
Het gemeentebestuur van Oisterwijk, allerlei andere overheidsinstanties en een heleboel mensenrechtenorganisaties deden hun uiterste best voor Medo. Iedereen was betrokken bij het lot van hun lievelingsdorpsgenoot. Het Nederlandse Rode Kruis verzocht Rusland meerdere keren om de familie van Mamedov op te sporen. Pas veertien jaar na de Bevrijding krijgt Mamedov het eerste bericht van zijn moeder Nanahanum. Gedurende al die veertien jaar had zijn familie niets van hem gehoord – zijn brieven hadden hen nooit bereikt; dat was pas mogelijk toen het regime van Stalin was gevallen. De plaatselijke kranten schreven uitgebreid over de eerste brief die Medo uit Azerbeidjaan kreeg: het levensteken van de moeder van de vroegere krijgsgevangene was een feest voor iedereen.
Zo kreeg de moeder van Mamedov na veertien jaar scheiding te horen dat haar vermiste zoon gezond en wel in leven was, dat hij getrouwd was in het vreemde land met de lieve naam ‘Hollandiya.’ Zo klonk voor het eerst op het platteland van Azerbeidjaan het woord ‘Holland’ uit monden van de dorpbewoners van Muganly.
Het Rode Kruis probeert te bemiddelen voor Mamedov, zodat hij zijn familie een bezoek kan brengen. En hijzelf blijft verzoeken aan Chroestsjov sturen, de toenmalige Sovjetleider. Dat lukt hem uiteindelijk – na 31 jaar, in 1972. Inmiddels is zijn dochter Nansy elf jaar. Zij vergezelt haar vader op zijn reis.
Een Oisterwijkse krant: “Oisterwijk, 15 december. Mamed Mamedov (49) kan zijn geluk niet op! Na 31 jaar heeft hij zijn naaste verwanten teruggezien. Een groots moment in zijn veelbewogen leven dat niet alleen in zijn geheugen staat gegrift, maar bovendien op (kleuren) film is vastgelegd. De vreugde wordt enigszins getemperd door het feit dat hij zijn bejaarde moeder – 82 – niet heeft kunnen ontmoeten, terwijl hij zich daarvan zoveel had voorgesteld.” Later zegt Mamed Mamedov dat hij “in een paar dagen een scheiding van 31 jaar, dat is gewoon een half mensenleven, heeft overbrugd.”
Vrijheid
Mamed Mamedov overleed in januari 2003. Hij had zijn strijd, zijn streven, zijn liefde, zijn trots en zijn naam. Hij was een mens met een grote hoofdletter M, zoals men in Azerbeidjaan zou zeggen. Zo schrijft de Oisterwijkse krant in januari 2003 naar aanleiding van zijn overlijden: “Oisterwijk drukte de Azerbeidjaan aan het hart. Ereburger in 1981 voor zijn verdiensten in het verenigingsleven en zijn voorbeeldige integratie. In 1996 knuffelde het vennenstadje de markante oud-schoenstikker (VeDeHa en Van Bommel) opnieuw: Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, drager van de zilveren speld van de K.N.P.V.”
Mamed Mamedov overleed net zo mooi als hij leefde. Hij wordt al zeven jaar werkelijk gemist door zijn familie, zijn clubleden, door zijn gemeente. Zijn laatste rustplaats is bij de Petruskerk in Osterwijk naast zijn geliefde vrouw Maria Seebregts. Het einde van een mooi leven, zonder twijfel – maar onwillekeurig rijst de vraag wat er van Mamed Mamedov geworden zou zijn, als het hem wel gelukt was om terug te keren.
Noot:
* Uitgeverij A. van den Oord.
Foto's: Lena Sangin
Na vele telefoongesprekken ontmoeten Lena Sangin en Aleskerov mevrouw Doomeen op 9 januari 2010, op de 7e herdenkingsdag van Mamed Mamedov bij zijn graf. Met een krans namens de Azerbeidjaanse Ambassade. Daarna begonnen wederkerige bezoeken, oneindige verhalen, en zelfs veel tranen. Een paar maanden later ontving ook de ambassadeur van Azerbeidjaan Fuad Iskenderov de familie Domeen persoonlijk. Nansy Doomeen, haar echtgenoot Ad en hun dochter Selina konden veel over Medo te vertellen. Voor Aleskerov, die gretig naar de verhalen luisterde, betekende dat alles een herstelde bladzijde van de oorlogsgeschiedenis van Azerbeidjaan. Dit artikel van Lena Sangin is de uitkomst van deze bezoeken en interviews. |
Onderzoek naar Azerbeidjanen in Nederland